Social media gebruiken doe je zo!
Als je niet twittert, besta je niet. Een moderne uitgeverij kan anno 2010 niet meer om social media heen. Maar hoe gebruik je Twitter en Facebook effectief? Wat moet je doen en wat vooral niet?
We schrijven kerst 2004. In de Indische Oceaan vindt een zeebeving plaats. Vloedgolven stuiten op het land, van Thailand tot en met Indonesië. Het wordt een ramp met duizenden doden. De beelden zijn ons bekend, maar ze hadden ons nooit bereikt wanneer mensen toen niet ter plaatse met hun mobiele telefoons foto’s en video’s hadden gemaakt en dit materiaal niet hadden opgestuurd naar gevestigde mediaredacties. Bij de BBC in Engeland werden journalisten die kerst overdonderd door de hoeveelheid materiaal die hen via e-mail werd aangereikt. Matthew Eltringham, assistant editor interactivity, startte met twee collega’s meteen een pilot: wat zou de Britse publieke omroep nog meer kunnen met al deze digitaal aangeleverde informatie van gewone mediaconsumenten? Het clubje ontmoette veel scepsis van collega’s, ouderwetse journalisten die vonden dat je je tijd beter kon besteden aan eigen onderzoek
op straat.
BBC
Een half jaar later slaat het gemoed om, wanneer in de Londense ondergrondse verschillende bomaanslagen plaatsvinden en de BBC wordt overstelpt met foto’s en video’s. De relevantie van deze content dringt al snel tot iedereen door. “De politie en de brandweer hielden ‘s ochtends een tijdlang vol dat het metronetwerk was getroffen door een elektrische en technische fout”, vertelt Eltringham. “Pas om tien uur ’s ochtends verklaarden de autoriteiten dat er bomaanslagen waren gepleegd. Maar voor ons was dat ver voor die tijd al duidelijk door de berichten en beelden van mensen die ter plekke waren toen het gebeurde.”
Dit artikel verscheen eerder in editie 1 van Publishr.nl Magazine.
Gemist? Lees hem dan online en meld je aan voor een gratis abonnement.
User generated content
Anno 2010 is de wereld niet meer voor te stellen zonder gewone mensen die voor journalist of uitgever spelen. Mensen bloggen, twitteren en facebooken dat het een aard heeft en delen verhalen die soms triviaal lijken maar net zo goed maatschappelijk relevant kunnen zijn. Vaak gelardeerd met beeld, tegenwoordig ook met live streaming video. Voor Eltringham is het simpel: je zou oliedom zijn wanneer je daar als klassieke uitgeverij of omroep geen gebruik van zou maken, of je nu klein bent of groot. Het pilotclubje van drie pioniers is bij de BBC uitgegroeid tot een team van 23 journalisten die de hele dag niets anders doen dan het wegen en checken van user generated content en informatie die van social media komt. “Luister naar je publiek”, is Eltringhams adagium. “Maak gebruik van de expertise van je lezers en werk met hen samen. Knoop via social media relaties met hen aan en zorg dat je publiek dichterbij komt. Het wantrouwen dat mensen vaak hebben in instituties in ivoren torens neemt zo af.”
Het klinkt helder en eenvoudig, maar hoe maak je de transitie van uitgeverij die voornamelijk zendt naar een modern mediabedrijf dat met zijn klanten interacteert? Wat moet je doen en laten? En wat kost het je qua tijd en geld?
#1 Wees authentiek en persoonlijk
Wíe binnen de uitgeverij twittert, maakt niet zoveel uit. Het is misschien leuk en aansprekend wanneer het de hoogste baas is, maar als die er geen aardigheid in heeft, schiet het zijn doel voorbij. Laat het iemand zijn die er enthousiast over is, want dit straal je uit naar je publiek. Een profiel aanmaken is zo gebeurd, het bijhouden kost tijd. “Ik zag laatst een profiel van een docent van de School voor Journalistiek”, illustreert Bart Brouwers, oud-hoofdredacteur van Spits, tegenwoordig verantwoordelijk voor de lokale online activiteiten van de Telegraaf Media Groep. “Zijn laatste tweet was een aankondiging dat hij in 2008 ging promoveren. Tja, zo geef je er blijk van de vorm van social media te snappen, maar de inhoud niet.” Het medium eist actieve deelname, en wordt pas leuk wanneer je zelf berichten post, of dit nu eigen overpeinzingen zijn, tips voor je followers of dat je je publiek een vraag voorlegt. Als uitgeverij kun je natuurlijk ook je auteurs enthousiasmeren voor het gebruik van sociale media. Ook hier geldt: de auteur moet er de aardigheid van inzien, anders wordt het een geforceerd kunstje en prikt het publiek er genadeloos doorheen. “Ga je niet ineens anders gedragen dan normaal, of bewegingen maken die het publiek niet van je verwacht”, waarschuwt Brouwers. Ofwel: Harry Mulisch moet niet gaan tweeten alsof hij Herman Brusselmans is. Verwacht het publiek in kranten en tijdschriften een zakelijke en objectieve stijl van schrijven, met social media, of dit nu een blog of Twitter is, willen mensen het gevoel hebben dat ze persoonlijk met jou converseren in plaats van met een institutie.
Voor sommigen is dit wennen. Dat weet Kevin Anderson, journalist bij de Britse kwaliteitskrant The Guardian, uit ervaring. Als correspondent in Washington voor de BBC startte hij in 2004 met het schrijven van een blog. “Een van de grootste uitdagingen was voor mij het vinden van mijn eigen, persoonlijke stem”, vertelt hij. “Maar bij social media werkt dat nu eenmaal beter dan een
zakelijke stijl zoals je die in een nieuwsbrief of persbericht zou hanteren.”
#2 Interacteer
“Social media gebruiken is geen kwestie van jouw eigen content promoten”, waarschuwt Kevin Anderson. “Het is een manier om een relatie aan te gaan met je publiek. Hoe sterker die relatie is, des te loyaler mensen zullen blijken te zijn. Ze zullen de weg weten naar je website en geïnteresseerd zijn in jouw activiteiten.” De wisselwerking met je publiek kan je bedrijf voordelen bieden, weet Bart Brouwers. “UPC heeft geprobeerd Twitter te gebruiken om van zijn slechte imago af te komen, als een bedrijf met veel storingen dat niet goed naar de klachten van klanten luistert”, illustreert hij. “De klantenservice ging op Twitter naar klachten zoeken en reageerde hier vervolgens op. Dat werd enorm gewaardeerd en mensen gingen hier over twitteren. Een uitgeverij zou op deze manier bezorgklachten kunnen inventariseren.” “Twitter is een middel om te communiceren”, stelt internetstrateeg Jaap Stronks. “Het is een sociaal medium, dus moet je je ook sociaal gedragen. Ga niet alleen maar praten, of alleen luisteren. Zorg dat je relevant bent voor je publiek. Ga niet alleen over je kat twitteren, hoewel je best het persoonlijke met het zakelijke mag combineren.” Waar precies de grens ligt tussen het persoonlijke -sommigen smijten al hun trivia de wijde wereld in- en het zakelijke is niet aan te geven, zegt Stronks. Experimenteer. Als je je voor het eerst op Twitter begeeft, voelt het alsof je voor het eerst naar de middelbare school gaat, waar je de mores nog niet kent. Maar ga als je bijvoorbeeld een uitgever bent van paardenboeken commentaar geven op paardenwedstrijden. Zoek op Twitter wie het over paarden heeft en ga die mensen volgen. Verwijs op Twitter naar je blog of website.”
#3 Creëer gradaties van betrokkenheid
Stronks wijst er op dat mensen door de hoeveelheid informatie die hen van alle kanten wordt aangereikt niet snel relaties meer aangaan met een medium of uitgever. “Dat betekent niet dat mensen niet meer trouw zijn”, voegt hij er aan toe. “Probeer hen steeds een sport hoger op de ladder te krijgen. Begin laagdrempelig, door je op Twitter te begeven. Daar is het normaal dat je bijvoorbeeld zowel de PvdA als de VVD volgt. Bij Facebook is dat anders, als je daar een medium toevoegt staat er bij je profiel dat je er fan van bent. Dat impliceert associatie en identificatie, als mensen je daar vinden ben je alweer een stap verder Vervolgens zorg je ervoor dat mensen lid kunnen worden van jouw e-mailnieuwsbrief en vaste gast kunnen worden op het forum van jouw website. Dan pas kom je het in het domein dat mensen wellicht bereid zijn tot een financiële waardetransactie of dat ze actief voor je worden. Vergeet niet de onderkant van de piramide in te richten. Uitgeverijen verdienen nu vaak hun geld aan het betrokken krijgen van mensen die nog niet betrokken zijn. Dat is een te grote stap voor in één keer. Mensen surfen niet vanzelf naar jouw website. Laat acquirerende redacteuren twitteren. Zij onderhouden de relaties tussen auteurs en publiek en brengen vraag en aanbod bij elkaar.”
#4 Probeer mensen niet op jouw website te houden, maar zorg dat het in de online wereld over jou gaat
De Amerikaanse nieuwswebsite Huffington Post heeft dit goed door. Zij geven de artikelen op hun site een tweede leven op Facebook. Mensen kunnen artikelen die zij interessant vinden met een druk op de knop delen met hun hele netwerk aan vrienden en kennissen. Er worden reacties onder gepost en zo ontstaan hele discussies en gesprekken. Facebook is de nieuwe dorpspomp, de nieuwe kroeg. Misschien dat je er nog terughoudend over bent omdat je denkt dat het ten koste gaat van de tijd die mensen op jouw site doorbrengen, maar je kunt er ook van profiteren: je wordt op veel plekken online bekend en mensen hebben het over je. Je bereik wordt alleen maar groter. Bovendien luidt het ‘nieuwe denken’, zoals Bart Brouwers het noemt: delen maakt je sterker. Brouwers is in zijn nieuwe functie bezig met het opzetten van een nieuw online platform, ‘een sociaal netwerk, gebaseerd op nieuws’. “In Engeland bestaat er ‘fix my street’, een succesvolle applicatie”, vertelt hij, “waarbij mensen kunnen doorgeven wanneer een lantaarnpaal bij hen in de straat niet functioneert. Het clubje achter die applicatie geeft dit weer door aan de gemeente, die hierop actie onderneemt. Het hele gebeuren helpt bij het verbeteren van de wijk. Dit fenomeen bestaat inmiddels ook in Nederland en ik wil het straks een plek geven op mijn site. Zij profiteren daar van, maar ik ook: de applicatie complementeert mijn site en ik krijg meer bezoekers. Waarom zou ik zelf het wiel opnieuw uitvinden?” Als je als uitgever iets hebt bedacht dat goed werkt, wees dan niet bang om het op internet te delen. En integreer online successen van anderen met de jouwe, daar waar het relevant is.
#5 Bouw een gemeenschap op LinkedIn
“Vroeger waren uitgevers openbaarmakers”, zegt Jaap Stronks. “Er was een enorme drempel om te publiceren, drukken kost geld. Dat primaire bestaansrecht hebben uitgevers niet meer, iedereen kan tegenwoordig eenvoudig en goedkoop zelf publiceren. Maar uitgevers hebben nog een secundair bestaansrecht: zij weten waar de markt op zit te wachten, kunnen met jouw boek of tijdschrift meedenken, hebben vanuit hun expertise een netwerk en het organiserende vermogen verhalen aan de man te brengen. Social media kunnen het weefsel vormen van de ontmoeting tussen verhalen en het publiek. Zorg dat je een massa van fans opbouwt, een groep bij elkaar brengt met gemeenschappelijke informatiebehoeften. Veel mensen zitten al op LinkedIn, gebruik zoektermen om de mensen die jouw publiek kunnen vormen te zoeken en stuur hen uitnodigingen lid te worden van jouw LinkedIn-community. Als je zelf binnen zo’n gemeenschap spin in het web bent en je geeft een boek of blad uit, heb je je publiek al bij elkaar.” Dit vereist de nodige organisatiekracht, geeft Stronks toe. “Het is niet een kwestie van het er even bij doen. Je moet er een fulltime communitymanager op zetten. Uiteindelijk heb je met een jaar misschien wel een platform waar iedereen die voor jou relevant is naartoe gaat en waar je geld mee verdient. Maar je moet niet te snel resultaat willen, ook al is dat voor een uitgever moeilijk. Geef het de kans organisch te groeien. Gelukkig is het gebruik van social media goedkoop, dus je hebt de kans dit te doen.”
Dit artikel verscheen eerder in editie 1 van Publishr.nl Magazine.
Gemist? Lees hem dan online en meld je aan voor een gratis abonnement.



















[...] een weblog en magazine voor uitgevers, geeft nogmaals de regels aan voor het gebruik van Sociale Media. Sociale Media gebruiken doe je zo, kopt de website bijna belerend. Voor wie het nog niet wist: [...]
Laat een reactie achter!